| Ondertoezichtstelling
Een ondertoezichtstelling is een gezagsbeperkende maatregel. Ouders behouden het gezag over de kinderen, maar dat gezag wordt wel beperkt. Het kind en de ouders krijgen dan begeleiding van een gezinsvoogdij-instelling. Een medewerker daarvan, een gezinsvoogd, houdt regelmatig contact met de ouders en helpt bij problemen. Hij moet door de ouders bij belangrijke beslissingen over het kind worden ingeschakeld. Ook kan hij de ouders aanwijzingen geven die ze moeten opvolgen. De gezinsvoogd kan ook de rechter toestemming vragen om het kind buiten het gezin onder te brengen. Het doel van de ondertoezichtstelling is ervoor te zorgen dat de situatie waarin het kind opgroeit zo snel mogelijk verbetert. Ontheffing van de ouderlijke macht Wanneer ouders onmachtig of ongeschikt zijn om hun ouderlijke verplichtingen na te komen, kan de rechter voor onbepaalde tijd de verantwoordelijkheid voor de opvoeding aan iemand anders geven. Een voogdij-instelling krijgt dan meestal het 'wettelijk gezag' over het kind. Het kind gaat naar een pleeggezin of een kindertehuis. De ouders hebben dan officieel niets meer over hun kind te vertellen, maar blijven wel zo veel mogelijk bij hun kind betrokken. Ontzetting uit de ouderlijke macht Als ouders hun kinderen ernstig verwaarlozen of hun ouderschap misbruiken en er dus sprake is van verwijtbaar gedrag, kan de rechter hen op verzoek van de Raad uit het ouderlijk gezag ontzetten. Dit kan alleen in heel ernstige situaties, waarbij ouders niet kunnen of willen meewerken aan een oplossing voor de problemen van hun kind. Een voogdij-instelling krijgt dan meestal het 'wettelijk gezag' over het kind. Het kind gaat naar een pleeggezin of een kindertehuis. |